Piet Oudolfs 16 favoriete planten
Maak je eigen Oudolf-tuin
1. ACTAEA
Piet Oudolf vond deze spectaculaire variëteit in zijn tuin; twee totaal verschillende actaeas hadden elkaar zonder zijn inbreng gevonden. Deze kruising heeft fijne, donkere stelen en knikkende aren met witte, geurende bloempjes. Geplant op schaduwrijke plekken, trakteert ze je op vuurwerk. In het wild groeien deze planten in vochtige bossen of ravijnen, in tuinen kunnen ze veel zon verdragen, mits de grond niet uitdroogt. Alle actaea zijn sterk geurend om bestuivers in de herfst aan te trekken. Om het sprankelende effect te versterken plaats je de plant tussen of achter contrasterende planten. Het lage varenachtige gebladerte van de Polemonium is bijvoorbeeld een mooie combinatie.
2. AGASTACHE
2. AGASTACHE
Je vindt deze plant terug in de meeste ontwerpen van Piet Oudolf (zoals in het Singer museum en de Vlinderhof). Een prachtige tuinplant; alles is er ‘precies goed’ aan. De duidelijke verticale structuren geven gelaagdheid aan het totale ontwerp. De planten bloeien langdurig en hebben hoge grijze aren met kleine bloemen. De bloemen worden veelvuldig bezocht door bijen en vlinders en van de bladeren maak je een geweldige ijsthee. Mooi is ook het standvastige wintersilhouet. Pimpelmezen en goudvinken weten ze te vinden om de zaadjes eruit te pikken.
3. ALLIUM
We kennen allemaal de ‘lolly’-alliums die in het late voorjaar dramatisch uit tuinen ontspruiten. Deze cultivar is minder dramatisch en gedraagt zich meer als een vaste plant. Ze bloeit later, is betrouwbaar en gestaag zal zich een dichte bladermassa vormen met vele uitbundige in bolletjes gevatte roze bloemen. Deze zomerse schoonheid behoudt zijn kleur in de herfst en de vervaagde, papierachtige bloemen behouden de hele winter hun vorm. Het is een plant die in veel van Piet Oudolfs ontwerpen terug te vinden is vanwege de speelse vorm.
Bio Bollen Box
Bio Bollen Box
Elke herfst stellen we samen met PuurBio een speciale Bio Bollen Box samen, met een selectie van bijzondere biologisch geteelde bollen die je tuin het hele jaar door tot leven brengen.
4. ASTRANTIA
Oudolf vond deze cultivar 25 jaar geleden in zijn tuin en betoverd door de vorm en kleur koos hij ervoor om hem op de markt te brengen. Een must-have voor iedere tuinier, en een ouderwetse plant die bij geluk is herrezen uit de vergetelheid. Het aantrekkelijke, glanzende en ondiep ingesprongen blad vormt een geweldig paar met de origami-speldenkussenvormige bloemen – zet het elegante bloemetje gerust in een vaas om te kunnen bewonderen. De plant kan na de bloei in het voorjaar in zijn geheel, inclusief blad, worden teruggesnoeid. Binnen enkele weken verschijnen er nieuwe bladeren en bloemen.
5. BRIZA MEDIA
5. BRIZA MEDIA
Dit is een van de drie basisgrassen uit de ontwerpen van Oudolf. Een vrolijke: de plant laat je tuin dansen én zal ’s nachts het maanlicht vangen. Het is een lage, vroegbloeiende soort, met blauwgroen blad en sierlijke, losse bloempluimen. De glanzende groene en paarse aartjes bungelen aan kromme stengels en ‘beven’ al bij een lichte bries. Wuivend te zien in Oudolfs 2 kilometer lange tuinontwerp van de High Line in New York.
6. CALAMINTHA NEPETA
Deze plant werd een hit toen Piet Oudolf hem in 1992 introduceerde tijdens de Nederlandse Floriade. Een geslacht dat nauw verwant is aan tijm en munt, en een vriendelijke lage plant voor op een zonnige plek. Haar belangrijkste kenmerk is de lange bloemstengel, waarop zich een luchtige bloeiwijze vormt. Deze is gevuld met kleine blauwgroene blaadjes en eindeloos bloeiende ‘wolken’ van lichtblauwe bloemen. De bloemen kleuren in de herfst naar een warme lavendelkleur. Als er één plant is die naar pepermunt ruikt, dan is het deze wel. Een aftreksel van de gedroogde bladeren, verzameld rond juli, maakt een aangename, opwekkende thee die de maag kalmeert.
7. ECHINACEA
7. ECHINACEA
Dit is een klassieker, afkomstig van de Noord-Amerikaanse prairie met haar niet te missen iconische kegel. De ‘Fatal Attraction’ met een dieprood-roze kleur is compacter dan de meeste van haar zussen. Oudolf houdt van haar uitgesproken aanwezigheid. Met haar donkere stelen en bloemen zorgt ze voor contrasten in je tuin en bieden ze onweerstaanbare landingsplatformen voor bestuivers. In de winter ontstaan de mooie scherpe silhouetten waarbij de plant zijn hoed diep over zijn neus lijkt te trekken. Echinacea is een populaire medicinale plant. Inheemse Amerikanen gebruiken het al eeuwen om verschillende aandoeningen te behandelen en het menselijke afweersysteem te versterken.
8. GEUM RIVALE
Deze vroege bloeier verwelkomt de lente met zijn verlegen gele bloemen. Een zegen voor de vroege hommels en een waardplant voor vlinders. Boven het frisgroene gebladerte brengen de knikkende bloemen geluk in uw aanplant. Van de vele verschillende Geums in Europa is dit Oudolfs favoriet, hij gebruikte het in de Lurie Gardens in Chicago. Deze plant was eens te vinden in de lang vervlogen Europese oerbossen. Hoewel de plant in het wild vooral dicht bij beekjes en bronnen groeit, is het een bijzonder makkelijke tuinplant. Met een beetje geluk bloeit hij in de herfst een tweede keer.
9. LYTHRUM VIRGATUM
9. LYTHRUM VIRGATUM
Rechtstreeks uit de Oudolf-tuinen in Hummelo, en een van de twee nieuwe introducties: Happiness en Joy. Waardevol door hun lange bloeiseizoen en gedurfde kleuren. Lythrum is een moerasplant die in principe in elke tuingrond gedijt, maar wordt soms beschouwd als invasief. In de oudheid geloofde men dat de plant zo krachtig was dat als je de plant op het juk van een boze os plaatste, hij zijn krachten weer onder controle zou krijgen. Als je Lythrum in de VS zou gebruiken, ga dan voor de Lythrum alatum dat inheems is in de VS. Deze alatum was Oudolfs keuze voor de Lurie Garden in Chicago.
10. POLEMONIUM
Jacobsladders behoren tot dezelfde familie als de phloxen. Polemonium ‘Heaven Scent’ is een prachtige cultivar. Het donkerpaarse blad komt in de lente tevoorschijn waarna zich langzaam de blauwpaarse bloemen gaan vormen. Polemonium zou naar druiven ruiken – net zoals in de hemel? Wilde bijen zijn er in ieder geval dol op en laven zich na de winter aan de vroege nectar. Pas op: katten voelen zich vooral aangetrokken tot jongere planten en kunnen op sommige bladeren gaan kauwen.
11. SALVIA PRATENSIS
11. SALVIA PRATENSIS
De bloemen van de verschillende soorten salie hebben de rechtopstaande, gewelfde bovenlip dat als een luifeltje dient voor de bezoekende bij. Deze door Oudolf geselecteerde cultivar heeft een wat wilde bohemien uitstraling met een scherpe en kruidig geur. Het is een goed voorbeeld van hoe Oudolf naar planten kijkt: het gaat niet om de grootste en de meeste bloemen, maar om de esthetiek van de hele plant; haar gestalte, expressie en karakter. En altijd al een kolibrie willen horen zoemen? Beproef je geluk met deze plant.
12. SANGUIRSORBA
Deze plant komt oorspronkelijk uit Nederland. Peper je tuinontwerp met een wolk vol plofbloemen. Geef haar een zonnige plek en ze zal naar je zwaaien in de wind. De specifieke vorm van de Sanguisorba is een sprekend element in een tuin, het is uniek en onvervangbaar. Piet Oudolf: ‘Kleur is het niet het eerste waarin ik denk – ik spreek geen kleur. Ik kijk naar de vorm van een bloem en hoe die zich zal houden.’
13. SCHIZACHYRIUM SCOPARIUM
13. SCHIZACHYRIUM SCOPARIUM
Een goede vriend van Piet Oudolf en directeur van Hermannshof, Cassian Schmidt, vernoemde deze plant naar een staatspark in Missouri waar hij deze variëteit aantrof. Dichte, fijne haartjes op de bladeren vangen het licht op en creëren een uniek halo-effect. In de zon gloeit het als geen ander gras kan en in de ochtend glinsteren de kleine druppels ochtenddauw op het zachte blad. Het gebladerte is blauwgroen met delen van rood en grijs, brons in de herfst. ‘Ha Ha Tonka’ heeft een nette, stijve en rechtopstaande groeiwijze.
14. SESLERIA AUTUMNALIS
Dit gras wordt veel gebruikt door Oudolf voor het creëren van een matrix in het tuinontwerp. Als een moeder op de achtergrond, vormt ze de basis die andere planten ruimte geeft en een podium geeft om te schitteren. In het voorjaar verschijnt ze al vroeg en vormt ze bosjes heldergroen, bijna transparant blad. Uit dit gras dat goed halfschaduw verdraagt, zullen in de late zomer en vroege herfst zilverwitte smalle stekels bloeien die later okerbruin worden. Een prachtige combinatie met allerlei tinten paars in de tuin. In dit gras vinden insecten comfortabele schuilplekken; de hommels nestelen zich in het blad om er te overwinteren.
15. SPOROBOLUS HETEROLEPIS
15. SPOROBOLUS HETEROLEPIS
Dit gras is de belichaming van de prairie; het is een van Piet Oudolf’s favorieten. Het vormt elegante pollen en slappe pluimen gevuld met kleine pareltjes, die op warme dagen een zoete geur afgeven. Zoals zoete popcorn. Het duurt soms even voordat het is geaard om potentieel zeer lang te leven. In de herfst zal de doorzichtige wolk van pluimen langzaam spectaculair oranje kleuren.
16. STACHYS
Deze cultivar zag Piet Oudolf tijdens een bezoek aan de kwekerij van Ernst Pagels. Vanwege de vele hommels die rond de plant zwierven en het feit dat Oudolf uit Hummelo kwam, werd besloten de plant ‘Hummelo’ te noemen. Deze Stachys is bijzonder door de lange, eivormige geribbelde bladeren en haar orchideeachtige, puntige bloeiwijze in een diep paarsrood. Gecombineerd met een jong bloeiende Calamintha, of de halmen van Sporobolus ontstaan werkelijk prachtige combinaties.
Lees meer over de plantengids in See All This #30 (p. 88) en ontdek hoe je ervoor zorgt.




















